De zelfportretten van Lucian Freud


Lucian Freud (1922 Berlijn -2011 Londen) was een van de grootste figuratieve schilders van de 20e eeuw. Hij brak mondiaal door in 1987 met een expositie bij het Britse consulaat in o.a Washington en Tokio. We kennen hem vooral door zijn indringende naakten en portretten. Gedurende zijn hele carrière heeft hij ook zelfportretten geschilderd. Ook in deze werken was hij indringend en wist hij iets van dat dierlijke vast te leggen. Freud geloofde in het dierlijke in de mens, vanuit een soort instinct schilderde hij dat aspect. Misschien zijn we daarom wel zo gefascineerd door zijn werk. De portretten zijn realistisch entoch permiteerde Freud zich allerlei eigenzinnige 'verstoringen', in de compositie maar ook soms in de anatomie van het lichaam of hoofd. Bepaalde karaktereigenschappen kon hij extra aanzetten. Het ging over hoe hij het zag, zijn waarneming. 

Wie was Lucian Freud?

Lucian Freud was een kleinzoon van Sigmund Freud, zijn ouders Ernst en Martha Freud woonde in Berlijn, maar besloten om in 1933 te vluchten naar Londen vanwege de opkomst van Hitler en de Nazi partij. Lucian ontwikkelde op jonge leeftijd interesse in kunst aangewakkerd door zijn grootvader Sigmund. In de jaren 40-50 ontwikkelde hij zich tot een enigmatisch kunstenaar, hij had een sterke persoonlijkheid en kon zich mengen in allerlei lagen van de maatschappij, zo had hij vrienden in de adel van Engeland maar ook ging hij met criminelen en gokkers om. In de jaren 50 werd hij bevriend met Francis Bacon, die hij zelf zou portretteren en Bacon zou meerdere portretten van hem maken. Freud had meerdere relaties met vrouwen waaruit meerdere kinderen uit voortkwamen. 

Schilderstijl

Lucian Freud schilderde aanvankelijk met dunne lagen en liet zich o.a inspireren door de Franse schilder Ingres. Later rond 1960 ging hij over op dikkere kwasten en werd zijn stijl van schilderen dikker, de verf was goed te zien in de streken van de kwast. Hij ontwikkelde deze stijl in de jaren  60-70 en bleef tot zijn dood in 2011 op deze manier schilderen. Hij schilderde met half opgedroogde verf van het palet, waardoor sommige doeken een landschap van korsten werden. Ook heel kenmerkend is de manier van opbouwen. De meeste schilders bouwen een portret gelijkmatig op, achtergrond en hoofd worden dan gelijk ingekleurd, en men werkt dan naar de details toe. Freud schilderde op een andere manier: hij maakte een vrij eenvoudige houtskool ondertekening van het hoofd, en als een inktvlek werkte hij gelijk met alle details het gezicht uit. Hij begon met de ogen enzijn volledige focus lag op dat ene deel, de rest deed hij in een andere schildersessie. 

Zijn zelfportretten laten dezelfde psychologische blik zien als bij zijn modellen. Hij deed geen enkele poging zichzelf mooier te maken, hij was bezig met zichzelf te bekijken vanuit onderzoek en vanuit interesse in de psyche van zichzelf maar ook in het dierlijke, het instinctieve. 

 

 

Freud durfde ook zichzelf in alle eerlijkheid te schilderen. Zo maakte hij voor een grote tentoonstelling in Londen een zelfportret naakt, het wordt als een van zijn belangrijkste werken gezien. Eerder in de jaren 70 maakte hij een klein zelfportret met blauw oog.

Authentic Tradition
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!